Imkeren is sinds enige tijd in opkomst. Al enkele jaren gaat het slecht met de bijen. Dat merken hobby-imkers, maar ook beroepsimkers. Steeds meer stress door negatieve milieu-invloeden en het gebruik van pesticiden en landbouwkundige monoculturen zet deze waardevolle dieren onder druk. Naast de bijen zijn ook de insecten in het algemeen hier sterk door getroffen. Al ongeveer 10 jaar sterven complete bijenvolken uit, de algemene populaties nemen snel af – en de diversiteit van onze natuur staat op het spel. Driekwart van alle voedselgewassen is afhankelijk van de bestuiving door de bij, ook wel apis mellifera genoemd. Blijft deze uit, dan valt de oogst weg of wordt deze aanzienlijk kleiner. Iedereen kan een bijdrage leveren aan het milieu en imker worden. De Duitse Imkerbond (D.I.B) zegt dat ongeveer 80% van de Duitse imkers hobby-imkers zijn. Imkeren is eenvoudiger dan vaak wordt gedacht: zelfs in de stad is het niet moeilijk om de bijen een goed leven te bieden. Er is daar een groot bloesemaanbod dat niet belast is door pesticiden of iets dergelijks. Het is echter wenselijk dat de aankomende hobby-imker zich vooraf voldoende basiskennis eigen maakt, want met de aanschaf van bijenvolken neemt men de verantwoordelijkheid voor deze waardevolle levende wezens op zich. Een kleine tip van ons: controleer aan het begin of u een bijengifallergie heeft, want vroeg of laat wordt elke imker wel eens door zijn bijen gestoken. Als starthulp vindt u hier een klein inzicht in het bijenjaar, waarop gelet moet worden, hoe men aan de zoete honing komt en wat u en de bijen verder nog allemaal als imker nodig hebben.
Op de bij gekomen? Bijenteelt voor beginners

Er zijn talrijke mogelijkheden om een bijenvolk te plaatsen en daarmee te imkeren. In de eigen tuin, op het balkon, op het eigen dak, op daken van bedrijven of in het bos kunnen bijen zich goed voelen. Ook volkstuinen zijn blij met de bestuiving van hun bloemen en planten door bijen en staan vaak positief tegenover de vestiging van een imker of het plaatsen van bijenkasten in hun tuincomplex. Vanuit juridisch oogpunt is het houden van bijen in principe overal toegestaan waar het houden van dieren algemeen is toegestaan. De deelstaatimkerbond respectievelijk de imkerbond en de imkerverenigingen bieden hier ook verdere ondersteuning. In ieder geval dient u zich vóór het imkeren, of u nu beginnend imker of hobby-imker bent, af te stemmen met uw verhuurder, de huisbeheerder, de buren en eventueel de boswachter om conflicten te vermijden. Onze tip: overtuig uw buren van de voordelen van één of meerdere bijenkasten in hun nabijheid met het aanbod om te profiteren van een heerlijk potje honing.
Waarom produceren bijen honing?
In principe produceren bijen honing om voedsel voor zichzelf en hun broed te hebben, vooral in de winter. Buiten verzamelen zij stuifmeel en nectar en brengen dit naar de bijenkast. Daar wordt het meerdere malen aan andere werkbijen doorgegeven. Daarbij wordt de nectar verrijkt met enzymen en wordt overtollig water verwijderd om deze als honing houdbaar en opslaanbaar te maken. De soort honing hangt af van de standplaats en de betreffende botanica. Van lichte koolzaadhoning tot donkere dennenhoning is alles mogelijk. Vraagt u zich af welke inspanning nodig is om een pot honing te verkrijgen? Schattingen gaan ervan uit dat bijen een afstand van 2–3 keer rond de aarde moeten afleggen om één pot honing te produceren.
Honingproductie – het jaarverloop in het samenleven met bijen

Allereerst staat voor u als hobby-imker de vraag centraal waarin het bijenvolk moet wonen. Er zijn veel verschillende soorten bijenbehuizingen, die kasten worden genoemd. Elk kastensysteem heeft voor- en nadelen voor de bijen en het imkeren. De gangbare systemen bij houten kasten heten Zander, Deutschnormal, Dadant Blatt, Dadant US en bij de piepschuimkasten Segeberger en Frankenbeute. Een handvaardige beginnende imker kan ook zelf kasten bouwen, wat uiteraard met veel inspanning gepaard gaat. Wie begint met imkeren is goed geadviseerd te starten met zogenaamde magazijnkasten van hard piepschuim. Deze zijn weerbestendig en licht. Een kleine selectie vindt u in onze online imkershop.
De gangbare opbouw van een kast bestaat uit: een bodem, 1–2 broedkamerzolders, 1–2 honingkamerzolders en een deksel. De imker dient daarnaast een moerrooster aan te schaffen. Dit moet tussen broedkamer en honingkamer worden geplaatst en vergemakkelijkt het imkeren. Het dient ervoor dat de bijenkoningin in de broedkamer blijft, zodat er geen broed op de honingramen wordt aangelegd. Alleen zo oogst de imker zuivere honing. Honingbijen zijn vanaf ca. 10 graden in februari/maart tot oktober/november actief. Deze periode noemt men het “bijenjaar”. In deze tijd vallen voor de imker verschillende werkzaamheden aan. Van maart tot augustus dient één tot twee keer per 14 dagen een controle van het volk te worden uitgevoerd. Later volstaat eenmaal per 14–21 dagen.
Maart: De eerste controle van de bijen staat op de planning. De imker moet erop letten of de koningin de winter heeft overleefd en al ijverig eieren (stiftjes) legt. Eerste tekenen hiervan zijn een rijke stuifmeelaanvoer, bijvoorbeeld van de wilg. Vervolgens moeten de honingkamer en het moerrooster worden geplaatst, zodat er voldoende ruimte voor de bijen wordt gecreëerd.
Mei en juni: Nu begint de zwermtijd van de bijen. Het volk wil zich vermeerderen door zich te splitsen. De imker let op zogenaamde zwermcellen. Dit zijn langwerpige, naar beneden gerichte cellen waarin het volk een prinses grootbrengt. Er kunnen meerdere van deze cellen aanwezig zijn. Worden deze gevonden, dan is het zinvol een bijenaflegger te vormen. Hiervoor wordt het raam met de koningin en verdere bijen in een nieuwe kast gehangen. Daarbij komen nog twee verdere ramen met opzittende bijen, waarop voldoende voer aanwezig moet zijn. De raat met de zwermcel blijft bij het oude volk. Uit de cel komt na 21 dagen een jonge koningin. Zij vliegt uit de kast en wordt door meerdere darren bevrucht. Keert zij succesvol terug, dan begint de nu tot koningin geworden prinses met het leggen van eieren.
Midden juli: Nu staat de oogst van de honing op het programma. Hiervoor wordt de honingkamer gecontroleerd en worden alleen ramen verwijderd die voor minstens driekwart met witte was zijn verzegeld. Het moerrooster wordt eveneens verwijderd. Alle overige raten blijven bij de bijen. In deze is het watergehalte in de honing te hoog, waardoor deze zou gaan gisten. De open raten worden nu, indien voldoende ruimte aanwezig is, in de broedkamer gehangen of alternatief via een lege zolder aan het bijenvolk aangeboden. Door de grote afstand tot het broed zullen de bijen het daarop aanwezige voer naar beneden naar het broed verplaatsen. De vers geslingerde ramen worden eveneens via de lege zolder 1 tot 2 dagen geplaatst om te reinigen en te repareren en daarna verwijderd. Nu dient het bijenvolk uitsluitend in de 1–2 broedkamerzolders te zitten, zodat de eerste behandeling tegen de varroamijt kan beginnen. Eerst moet de imker de mate van besmetting vaststellen. Hiervoor wordt een zogenaamde bodemplaat onderin de kast geplaatst. Hierop valt nu al het afval van het volk, ook de dode mijten. Vallen er meer dan 10 mijten per dag, dan is een behandeling dringend aan te raden. Deze kan bijvoorbeeld met mierenzuur plaatsvinden. Er zijn veel verschillende methoden van varroabestrijding, die elk hun voor- en nadelen hebben.
Augustus – november: Wanneer het volk nu succesvol is behandeld, moet het bijvoeren plaatsvinden. In de imkerhandel zijn verschillende soorten voer te koop of men mengt dit zelf. Voor hobby-imkers en beginnende imkers kan het eenvoudiger zijn kant-en-klare siroop te gebruiken. Deze heeft de perfecte consistentie om door het volk snel te worden opgeslagen. Een lege zolder wordt op het bijenvolk geplaatst. Er is een grotere schaal nodig waarin de siroop wordt gegoten. Deze moet in de zolder passen. Tot slot wordt stro of hooi in de schaal gedaan, zodat de bijen niet verdrinken. Er moet zoveel worden gevoerd tot een voorraad van ca. 20 kilo is bereikt. Om dit vast te stellen is wegen noodzakelijk.
December: Nu staat een tweede varroabehandeling, bijvoorbeeld met oxaalzuur, op de planning. Het is niet aan te raden telkens hetzelfde middel tegen varroa te gebruiken, zodat de parasieten hier niet aan wennen. De behandeling dient om het bijenvolk een goede start in het nieuwe jaar te garanderen. Nu heerst winterrust tot het volgende jaar. De imker moet de bijen nu niet meer storen. Onnodige stress kan voor de bijen dodelijk zijn en u als hobby-imker zou zeer teleurgesteld zijn. Maar dat er nu helemaal niets meer te doen is, klopt ook niet. De beginnende imker moet deze tijd gebruiken om zich intensiever met het onderwerp imkeren bezig te houden. Op internet zijn talrijke mogelijkheden te vinden of men verkiest de klassieke methode: vakboeken over imkeren lezen. Ook het bekende bijeninstituut in Celle biedt veel imkercursussen aan. Aan te bevelen is ook lid te worden van een imkervereniging. Daarnaast kunnen in deze rustperiode door een handvaardige imker ook nieuwe kasten en ramen worden gebouwd of middenwanden worden ingesoldeerd.
Honing slingeren: hoe krijg ik de honing in het glas? En wat heb ik daarvoor nodig?
Wanneer alles optimaal is verlopen, kan men ramen oogsten die volledig gevuld zijn met heerlijke honing. Deze bevindt zich verborgen onder witte was. De was wordt met de ontzegelvork verwijderd en de honing loopt eruit. Deze witte was wordt apart verzameld en later verder verwerkt. Met behulp van de slinger wordt de honing door middelpuntvliedende kracht tegen de buitenwand gedrukt. Bij het honing slingeren moet erop worden gelet dat de slinger stabiel staat om te voorkomen dat deze door het slingeren omvalt. Tijdens het slingeren loopt de honing naar de bodem van de trommel. De onderste aftapkraan wordt nu geopend, zodat de honing door de zeven in de afvulemmer kan stromen. Vervolgens wordt de honingemmer afgesloten en enkele dagen op een koele plaats gezet. In deze tijd stijgen luchtbelletjes naar boven. Deze worden voorzichtig verwijderd en de honingemmer wordt opnieuw afgesloten. Dit proces wordt zo vaak herhaald totdat zich geen schuim meer op de honing vormt. Nu kan deze in voorbereide potten worden gevuld.
Een starterset voor hobby-imkers / overzicht van benodigde hulpmiddelen voor het imkeren:
- een aflegger of kunstzwerm
- een kast per volk
- voldoende ramen + middenwanden
- inlastafo
- beschermende kleding: voor het begin is een volledig pak aan te bevelen, daarbij sluier en handschoenen
- kastbeitel
- afkeerborstel
- roker en rookmateriaal
- voor de honingoogst:
- slinger bij voorkeur van roestvrij staal
- ontzegelvork
- zeef grof en fijn
- afvulemmer
- refractometer (voor het meten van water- en suikergehalte in de honing)
- honingpotten
Voor het bijvoeren:
- grotere schaal of speciale voerzolder, wat stro of hooi, siroop of voederdeeg, kofferweegschaal
Alle accessoires respectievelijk imkerbenodigdheden en ook de benodigde bijen ontvangt u online in onze imkershop. Een gemiddelde bijenhouderij voor beginners kost inclusief aanschaf van de kast, de dieren en de passende accessoires ongeveer €800. In de daaropvolgende jaren is het houden van bijen uiteraard aanzienlijk goedkoper, omdat basisinvesteringen zoals de bijenkast meerdere jaren kunnen worden gebruikt en het bijenvolk zich in het beste geval vanzelf verder vermeerdert. Met imkeren kan men ook wat geld verdienen: bij een kiloprijs van ca. €10 kan men, afhankelijk van de opbrengst per volk, €200 tot €400 verdienen. Rijk wordt men hier niet per se van en zwarte cijfers schrijft men in de beginjaren als imker ook niet altijd, maar men heeft een kleine opbrengst die men weer in de imkerij kan investeren – voor nieuw materiaal of nieuwe bijenvolken. Mocht u praktische tips en trucs rond het houden van bijen en bijenteelt voor beginners nodig hebben of vragen hebben rond de honingproductie, dan kunt u zich uiteraard graag wenden tot onze klantenservice. Het team van Bienenzucht Profi staat u met praktische adviezen terzijde en profiteert daarbij van jarenlange expertise in de imkerij.
Conclusie voor de hobby-imker en het houden van bijen als beginner
U kunt imker worden en het houden van bijen is niet “onmogelijk”, zoals men soms in het begin zou kunnen denken bij de hoeveelheid informatie. U kunt het leven als aankomend hobby-imker echter vereenvoudigen door de genoemde hulpmiddelen in acht te nemen. Aarzel niet ervaren imkers aan te spreken en om raad te vragen. Het is ook altijd goed een imkermentor te hebben, mits een u bekende imker daartoe bereid is. Een imkercursus is een verdere aan te bevelen en nuttige maatregel op weg naar het imkeren. Wij raden ook aan zich aanvullend te informeren over het houden van bijen bij de imkerijdeelstaatbond, de imkerbond en de lokale imkervereniging. Misschien zijn er wel lokale omstandigheden met betrekking tot de imkerij en de bijen die u zou moeten kennen.
Hier vindt u ook nog verdere glossariumthema’sn.
Wij hopen dat de informatie u helpt op weg naar uw nieuwe hobby in de imkerij en wensen u een goede start met het houden van bijen!